Sinds een tiental jaren wonen mijn man en ik samen in Tzummarum. Hoe we hier be(ge)land zijn is een lang verhaal en ik zal u hiermee niet lastig vallen.

Tussen kerst en oud en nieuw vrij van werk en om die reden een mooie tijd voor wat klusjes maar ook… voor een dagje uit.

Vorig jaar hebben we op de fiets de oostkant van Ameland bezocht. Dit jaar wilde we ook de westkant eens gaan bekijken.

Het was mistig tijdens ons vertrek en dit zou ook nog een groot deel van de dag zo blijven. Bijna bij de veerpont aangekomen zie ik in mijn ooghoek een donkere roofvogel met een witte stuit overvliegen. Tja, dat zou een vrouwtje van de blauwe kiekendief kunnen zijn. Stoppen was geen probleem maar de vogel verdween al snel in de mist. We zullen het nooit weten.  Zorgen nu juist deze onzekerheden niet voor de leukste vogelspot belevingen?

Bij de boot aangekomen verschenen er een aantal scholeksters op het wad, opdoemend uit de mist. Maar ook een vogel die verdacht veel op een zwarte ruiter leek.  Deze wintergast uit scandinavie komt wel voor op de wadden, dus wie zal het zeggen.

Op het eiland aangekomen fietsten we via de duinenrij achter Nes richting het westen. Het was koud en de vogels lieten zich niet zien. Op het strand aangekomen bleek het licht langzaam aan het veranderen. De dikke flarden mist en een nu en dan doorkomende zon wisselden elkaar af waardoor het leek alsof er een mysterieus persoon continue aan de lichtknoppen draaiden. Het licht was zoals zo vaak in Friesland ook in deze omstandigheden schitterend!

Terwijl we door de vochtige lucht liepen zagen we in de verte iets verschijnen. het leken wel vogels, maar welke werd een lange tijd niet duidelijk. Mijn eerste gedachte was een vreemde: trappen?  Het is niet echt een kustvogel en bovendien in Nederland sowieso zeer zeldzaam. Na nog wat dichterbij te zijn gekomen bleken het gewoon… brandganzen. Ook mooi en vreemd om hen aan het strand te zien.

In een duin uit de wind ons boterhammetje gegeten en met wat warme koffie erbij was het er prima uit te houden. De ervaring van de wind, het vocht en de zon in dit jaargetijde geeft je een heuse natuurbeleving.

Het voor mij ultieme  waddengeluid komt later op de dag als we langs Hollum en Ballum via het begraafplaatsje, waar we in tegenstelling tot vele anderen maar een korte tijd verbleven, naar de Ballumerbocht fietsten. Tijdens dit deel van de tocht zien we veel ljippen met daarbij de onvermijdelijke wilsters  in de weilanden. Voor het overgrote deel ligt het wad er nogal verlaten en stil bij. Wel hoorden we het gerottt van de rotgans en de curli  van de wulp. Een prachtig geluid!

Het was een fijne dag in bijzonder winterlicht.

Marja van Kan